19.2.10

Al jaren voelde ik het aankomen, de ziekte in me. De schimmel die zich dag na dag in me rotte. Mijn knieën knikte, de stekende buikpijn. Ik hield het van me af, niet aan denken, niet aan denken. Elke keer als ik in aanraking kwam met het virus, als het te dichtbij kwam. Rende ik weg, ik moet je niet. Het zat me op de hielen, ik was verdwaasd.
Ik was bang voor de dagen die ik bed zou doorbrengen, de minuten die ik verspilde door er aan te denken. De vergetelheid.
En nu sta je hier voor me en ik weet niet wat ik met je aanmoet.